We waren aan het rekenen. Cijferend delen en dan met kommagetallen. Een groot deel van de klas had het al door en zat ijverig te werken, enkelen waren nog niet zeker genoeg en deden met mij mee. Het is een bepaald soort genoegen om cijfers en stappen netjes onder elkaar te zetten, bij elke stap stil te staan, vragen te stellen en ondertussen te merken dat ook de laatsten door krijgen hoe het werkt. Een goed begin van de dag.
Na een korte adempauze door met een taaltoets. Ook nu loopt alles heerlijk. Vol verwachting tot het moment dat we gingen nakijken werkten kinderen rustig aan iets anders. En bij het nakijken de onderdrukte kreten als ze iets goed hadden, de verbazing dat er zo véél goed was, de opgewonden vragen hoe goed ze het gedaan hadden als ze 28 van de 30 vragen goed hadden.
Het is vrijdag en ze hebben niet alleen het weekend in het vooruitzicht, maar ook de tosti’s straks bij de lunch, de gymles en het laatste uurtje werken aan hun muurkrant. Ze hebben er vandaag zin in en zetten hun beste beentje voor.
Tijdens de leesles na het buitenspelen houden ze de aandacht er weer goed bij. We lezen twee teksten over onderzoek naar buitenaards leven. Na wat gefilosofeer over of dat mogelijk is, wordt er doodstil gelezen. Door iedereen, behalve door Lily, die zit met haar haar te frunniken. Ze blijft frunniken, ook als ik haar vraag daar mee op te houden. Daarna besteed ik er geen aandacht meer aan, want zij die wel lezen, worstelen met de tekst en vragen hulp.
Het is alweer een heel tijdje later, en ik ben inmiddels opgestart met het maken van tosti’s, als ik ontdek dat Lily verdwenen is. En met haar twee meisjes. De rest van de klas, rond het werk af en maakt zich klaar voor de lunch. Ik vraag iemand eens voorzichtig te gaan kijken in de wc. Ze blijkt daar inderdaad te zijn en er schijnt zich een ramp te hebben afgespeeld. Ik vraag een collega even te gaan kijken. De twee vriendinnen komen heel kort daarna de klas ingeslopen. Lily zit bij mijn collega, huilend met haar vader aan de telefoon. Door het gefrunnik is er een elastiekje zo verstrikt geraakt in haar haar, dat ze geen andere oplossing zag dan de boel er maar uit te knippen. En nu voorzag ze gedonder thuis en bovendien was het geen gezicht. Althans dat vond ze zelf. Vaag herinner ik me dat ze vrij wanhopig gezegd had dat ze de boel niet meer uit de knoop kreeg. En ik -niet bepaald empathisch als het gaat om het belang van lang haar- had iets gemompeld dat ze even geduld moest hebben, omdat ik met iets anders bezig was.
Vlak voor we naar gym gingen, kwam ze weer terug. Een betraand gezicht en een strenge blik van mij weerhielden haar klasgenoten gelukkig van het maken van opmerkingen. Het was zelfs zo dat het merendeel haar medelijdende blikken toewierp.
Eenmaal bij gym werd het ‘lang haar in een staart’ een nieuw probleem. Wat dat zag er echt niet uit. Ik kon nog steeds niet veel ontdekken, maar ik wist haar toch de gymzaal in te praten. En ergens is ze gewoon mee gaan doen. Met haar in een staart. Toen ik de klas weer op kwam halen, rende ze vrolijk, ballen gooiend rond.
Het sluitstuk van de dag is het afmaken van hun muurkrant. Waar enthousiast aan gewerkt wordt en wat mooie werkstukken oplevert. Soms een bedrukt gezicht als toch nog een spelfout ontdekt wordt in een netjes opgeplakte tekst. Maar als ik zeg dat potlood ook uitgegumd kan worden, is het leed alweer geleden. Na een tijdje zijn enkelen klaar. Twee meisjes zitten rustig, midden in de klas te dammen. Denylio ruimt zijn laatje op. Hij is van het chaotische type en maakt eerst een nog grotere bende door het laatje gewoon om te keren op z’n tafel. Nathan biedt zijn hulp aan. Ik hoor hem uitleggen dat de tekstboeken in het rechter- en de rest in het linker laatje moeten. En na enige tijd is de klus geklaard en kan ook Denylio bogen op meer dan keurige laatjes. Lily en Sara overleggen over hun werkproces. Normaal gesproken leidt dat tot ruzie, maar nu gaat dit in een ongewone harmonie. De rest slooft zich uit om op tijd klaar te zijn.
Ik zit op mijn stoel, bemoei me nergens mee. Ik kijk en geniet.
Als het moment van opruimen is gekomen, gaat het geluid omhoog, wriemelt een hele klas zich door elkaar, lijkt het alsof het op tijd klaar zijn niet gaat lukken. Maar langzamerhand is de een na de ander klaar en wacht geduldig tot de rest dat ook is. Om exact 14:14u valt er een stilte in de klas en braaf wachten ze op mijn slotwoord. Een minuut is kort, maar lang genoeg om nog even wat complimenten te geven en terug te blikken op de week. Ze knikken tevreden.
Het is weekend.
